Verslag radiocafé 20 maart 2007

Zelfbouw scoop 1958
Peter Johanzen scoop 1958
Vanwege wat problemen met het instellen van de scoop op de meettafel werd pas tegen 20:30 uur begonnen met het programma.
Centraal stond een zelfbouwscoop uit 1958 waarin een transistron als tijdbasis.
Deze schakeling is beschreven in het blad Radio Electronica en voldoet beter dan een tijdbasis met gastriode EC 50.
Deze scoop is in de eerste jaren gebruikt in de reparatiewerkplaats van de importeur van Marshall versterkers in Amsterdam en later uitgeleend aan een reparatiebedrijf in Zaandam.
Tien jaar geleden weer opgedoken en nu na 50 jaar blijkt het apparaat nog steeds te werken.
Het hele verhaal tijdens deze avond driide om de transistron tijdbasis schakeling die zijn oorsprong vindt in de eerste tweepunts generatorschakeling uit 1923.
Een dubbelroosterlamp zodanig geschakeld dat deze zich negatief gedraagt. In het boek "Kortegolf ontvangst" van Dr. Numans wordt daar al over geschreven.
Hieruit is dan bekend de zogenoemde negadyne ontvanger die voorzien is van een lekweerstand ook nog detecteert.
Deze super generatieve ontvanger (zie afbeelding)

is nog uit de tijd van de dubbelroosterlamp en werkt volgens de transistronschakeling door de heren Numans en Roosenstein in 1923 ontwikkeld.

Het is een vrij ingewikkelde schakeling waar een hoop over te vertellen valt en wordt hier nog op terug gekomen.
Uit bovenstaande blijkt dat buizentheorie niet zo eenvoudig is als het lijkt.
Als voorbeeld van een buis die eveneens functioneert als kunstmatige zelfinductie werd les 28 van de radiocursus er bij gehaald waarin het moduleren van een FM zender beschreven wordt.
De avond begint het karakter te krijgen van een bijeenkomst van zendamamteurs want uiteindelijk kwamen we tercht bij de Franse militaire ontvanger de R11 uit 1930.
Dit lokte een discussie uit over Callsigns en moest de aanwezigen die geen licentie voor zendamateur hebben duidelijk gemaakt moest worden dat je daar nog steeds een pittig examen voor moet afleggen.
De Franse militaire ontvanger R11 uit 1930 werkt ook volgens het megadyne principe, gebruikmakend van een dubbelroosterlamp waarvan het genereren kan worden ingesteld door middel van een met een fijnregeling voorziene gloeistroomregelaar.
Het gedemoduleerde signaal wordt slechts versterkt door twee dubbelroosterlampen met transformatorkoppeling.
De Anodespanning is slechts 20 volt. Het apparaat is voorzien van een inwendig inschakelbare raamantenne en bij gebruik in de loopgraaf kan een antenne afgestemd met een variometer gebruikt worden.
Het toestel is een gadget voor verzamelaars van radio-apparaten waarbij de interesse voor toegepaste techniek voorop staat.
Zoals gebruikelijk werd deze radiotechnische uitleg door de spreker P.J. van Schagen Jzn gelardeerd met andere zaken en belevenissen zodat ook deze avond weer uitermate leerzaam en boeiend werd.
Tekst bewerkt door Ir. C. Wendrich
Terug naar HOOFDPAGINA